Aanpassingen aanvraag anemie protocol

Vanaf juli 2019 is de aanvraag anemie protocol herzien. Hierbij is gebruik gemaakt van de NHG-NVKC richtlijn anemiediagnostiek in de eerste lijn. Het blijkt dat de interpretatie van laboratoriumuitslagen naar aanleiding van de anemievraagstelling niet altijd even eenduidig is. Vanuit huisartsen komt steeds vaker het verzoek om meer ondersteuning bij de duiding van een anemie. Gestart wordt met een pilot om inzicht te krijgen in kosten, tijdsinvestering en daaraan gekoppeld mankracht om de interpretaties toe te voegen, en de toegevoegde waarde van deze service.

Vanaf juli 2019 is de aanvraag anemie protocol herzien. Hierbij is gebruik gemaakt van de NHG-NVKC richtlijn anemiediagnostiek in de eerste lijn. Het blijkt dat de interpretatie van laboratoriumuitslagen naar aanleiding van de anemievraagstelling niet altijd even eenduidig is. Vanuit huisartsen komt steeds vaker het verzoek om meer ondersteuning bij de duiding van een anemie. Gestart wordt met een pilot om inzicht te krijgen in kosten, tijdsinvestering en daaraan gekoppeld mankracht om de interpretaties toe te voegen, en de toegevoegde waarde van deze service.

In het vernieuwde protocol worden, na vaststelling van een anemie, testen reflexmatig (automatisch) en reflecterend (na beoordeling door de laboratoriumspecialist) toegevoegd en wordt de aanvraag voorzien van interpretatief commentaar van de laboratoriumspecialist. Bij constatering van een anemie worden de volgende testen reflexmatig uitgevoerd: ferritine, vitamine B12, foliumzuur, CRP, bezinking en ijzerstatus. Vervolgtesten die eventueel reflecterend toegevoerd kunnen worden zijn o.a.: reticulocyten, leukocyten incl. differentiatie, haptoglobine, TSH en nierfunctie. Op deze manier probeert het KCHL huisartsen beter te ondersteunen bij de interpretatie van de onderliggende oorzaak van een anemie. Belangrijk is dan ook dat u dit protocol alleen aanvraagt als u een eventuele (nieuwe) anemie uitgezocht wilt hebben. Voor reguliere controle van een Hb of bloedbeeld bij een langer bestaande anemie of controle bij onderliggende ziekte, verzoeken wij u specifiek een Hb en bloedbeeld aan te vragen en niet te kiezen voor het anemieprotocol.

Vitamine B12 kent naast een duidelijke grens voor deficiëntie (<148 mmol/ l) een zogenoemd grijs gebied.  In dit laag-normale gebied van uitslagen tussen 148-260 mmol/l kán een deficiëntie aanwezig zijn maar dat hoeft niet. In dat geval kan m.b.v. de methylmalonzuur (MMA) bepaling een onderliggend functioneel vitamine B12 tekort aangetoond worden. Echter, aangezien MMA ten opzichte van alle andere testen prijzig is, wordt deze niet automatisch uitgevoerd. U kunt daarbij op basis van overwegingen zoals aan- of afwezigheid van klinische symptomen beoordelen of u geen nadere analyse wenst, start met suppletie van vitamine B12 en daarna de anemie nogmaals controleert, of juiste wel nadere analyse van MMA laat uitvoeren. Indien u tot nabepaling van MMA besluit, kunt u dat binnen 8 dagen laten weten. Het KCHL kan deze test dan alsnog uitvoeren.

Indien de combinatie van uitslagen een onderliggende hemoglobinopathie (Hb-pathie) doet vermoeden, nemen wij dit mee in ons interpretatief commentaar bij de anemie. Wanneer u hierna verder onderzoek wilt laten doen, moet u een nieuwe aanvraag hemoglobinopathie-onderzoek indienen. Aangezien dit een erfelijke ziekte of dragerschap kan betekenen is het aan u als huisarts om dit vooraf te bespreken met uw patiënt alvorens eventuele diagnostiek aan te vragen.

Voor vragen of opmerkingen kunt u contact opnemen met Daniëlle Verboogen, AIOS Klinische chemie of Yvette Kluiters, specialist laboratoriumgeneeskunde op 013- 22(12686) of (18014).